Webdagboek Jan de Korte, eerste kwartaal 2006
donderdag 30 maart 2006
Tranen
Soms hoor je dingen waarom je wel dagen kunt huilen. Over leven in de knop gebroken. Ik lees nog maar eens uit het visioen van Johannes, de apostel van de liefde, wat moet hij gehuild hebben. Of het helpt? Het klinkt tegenstrijdig, maar ik hoor in die woorden ook iets van: huil maar. Hier uit de Naardense Bijbel, woorden van Johannes, ik fluister ze voorzichtig.
En ik zag een nieuwe hemel
en een nieuwe aarde,
want de eerste hemel en de eerste aarde
waren voorbijgegaan,
en de zee was niet meer.
En ik zag de heilige stad,
het nieuwe Jeruzalem,
neerdalen vanuit de hemel bij God,
toebereid als een bruid
die zich voor haar man heeft versierd.
En ik hoorde een grote stem
vanuit de troon zeggen:
zie,
de tent van God is bij de mensen,
en hij zal bij hen wonen
en zij zullen zijn volk zijn
en God zelf zal bij hen zijn;
en iedere traan zal hij uit hun ogen afwissen;
en de dood is niet meer,
noch rouw noch geschreeuw
noch moeite:
de eerste dingen zijn voorbijgegaan!
En die op de troon zat zei:
zie,
ik maak alle dingen nieuw!
maandag 27 maart 2006
Kuis
Soms lijkt een pleidooi voor kuisheid op zijn plaats, temidden van alle walgelijkheden. Toch blijft het woord voor mij een brave klank houden, een klank ook van een sfeer waarin lust en leven onderdrukt wordt. Het woord is me te a-sexueel. Daarom heb ik dat woord in de tekst van Bonhoeffer in de vertaling van dr. L.W. Lagendijk (zie de pagina Paastijd 2006), als enige, vervangen en wel door het woord zuiver.
Houd je geest en je lichaam zuiver,
onderworpen aan jezelf
en dienstbaar aan het doel, dat door God gesteld is.
Het wordt in de tekst ook wel duidelijk: het gaat er niet om iets niet te doen, maar om iets wel te doen. Je energie te richten, op één ding gericht te zijn, je niet af te laten leiden en je niet te laten vergiftigen en verontreinigen. Dat heeft alles met het oude woord kuis te maken, ik hoop dat het met het woord zuiver zuiverder klinkt.
donderdag 23 maart 2006
Stadia (2)
De schilderijen (zie ook bij 17 februari) zijn af en hangen intussen aan de expowand in de Voorhof als vooraankondiging van de vespers. Hier nummer 1, 'discipline', en nummer 4, 'dood', van de andere moet ik nog een betere foto maken, die krijgt u volgende week te zien. Hier tenminste, in de Voorhof kunt u nu al de originelen bekijken. Voor de teksten waarbij ik geschilderd heb verwijs ik naar de pagina Paastijd 2006.


dinsdag 21 maart 2006
7291
De zoveelste was mijn handtekening onder de petitie van de Raad van Kerken onder het motto 'Vreemdelingengevangenis geen plek voor kinderen'. Ik werd er op attent gemaakt door een medegemeentelid, ik zeg het zo, omdat de zorg voor vreemdelingen één van de zaken is waarover de gemeente van Christus zich druk maakt. Zie verder de site www.geenkindindecel.nl, u kunt daar ook uw handtekening kwijt.
maandag 20 maart 2006
Zondag
De zondag is vanouds de dag van de viering voor de gemeente. Vandaaruit ook dag van ontmoeting. Gisteren een mooie zondag gehad, een zondag waarop veel gebeurde, een volle werkdag voor mij, maar dat hoort bij de aard van het beroep. 's Morgens eerst een goede dienst met het koor, waarin we stil stonden bij het beeld van de pottenbakker, die uit vormeloze klei een vorm maakt. Het leek wel een voorbode van alle creativiteit die ik later die dag ontmoette. Na de dienst raakte ik aan de praat met iemand van de werkgroep liturgische schikkingen over een idee voor een schikking in de Stille Week, mogelijk op de trap naar de kerkzaal, met wachters waar je echt omheen moet (zie ook het gedicht bij 11 maart). Daarna vertelde een jongere me dat ze bezig is met theater, ik stelde haar voor om een act te doen met Pasen, bij de tekst uit het Hooglied, ter plekke zag ze het voor zich. Vervolgens vertelde iemand van de schildergroep 'Op weg naar Pasen' van het te schilderen beeld dat zij voor zich zag, het sloot prachtig aan bij de net bedachte act. We regelden ook nog even de presentatie van mijn 'Stille Week-schilderijen' met de beheerder van de expo-wand. 's Avonds had ik een groepje jongeren van 20-30, we lazen eerst de tekst uit het Hooglied, mooie en ontroerende interpretaties klonken er, daarna werkten we samen de act voor Pasen verder uit. 's Morgens na de dienst hadden de mensen die achterbleven voor de koffie trouwens ook nog een video bekeken bij het veertigdagenproject van kerkinactie.
In mijn fantasie zie ik soms meer van dit soort zondagen, de gemeente komt samen, viert, men ontmoet elkaar, is in gesprek met elkaar en er borrelen allerlei nieuwe ideeën op.
zaterdag 11 maart 2006
Liefde en Pasen
De makers van het Oecumenisch Leesrooster hebben bedacht dat we wel eens uit het Hooglied kunnen lezen. Te beginnen met Pasen. Onderstaand gedeelte noemen ze voor die dag. Deze week hebben we de woorden op ons in laten werken, als groep die een geschilderde verbeelding wil maken voor Pasen. De groep had nog wat moeite met de verbinding met Pasen, maar een prachtig gedicht is het. We hebben de tekst zes keer hardop aan elkaar voorgelezen, hij werd steeds mooier. Zo geef ik hem nu alvast, er komt vast nog wel meer, misschien hebt u zelf al associaties met Pasen, ik wel.
's Nachts in mijn slaap zoek ik mijn lief.
Ik zoek hem, maar ik vind hem niet.
Laat ik opstaan, rondgaan in de stad,
laat ik in de straten, op de pleinen,
zoeken naar mijn allerliefste.
Ik zoek hem, maar ik vind hem niet.
De wachters vinden mij
op hun ronde door de stad.
'Hebben jullie mijn lief ook gezien?'
Nog maar nauwelijks ben ik hun voorbij
of ik vind mijn lief.
Ik grijp hem vast en laat hem niet meer los
tot ik hem gebracht heb in mijn moeders huis,
in de kamer van haar die mij baarde.
Meisjes van Jeruzalem,
ik bezweer je bij de gazellen, bij de hinden op het veld:
wek de liefde niet, laat haar niet ontwaken
voordat zij het wil.
woensdag 8 maart 2006
Laurina Krijtenberg
Vandaag gaan we haar naam noemen, in herinnering, in dankbaarheid, in liefde: Laurina Krijtenberg.
dinsdag 7 maart 2006
Kaaidreef
Als mijn moeder droomde, droomde ze van de Kaaidreef. Daar heeft ze haar jonge jaren doorgebracht, daar werd ze onder de lantaarnpaal voor de deur door mijn vader ten huwelijk gevraagd, daar heeft ook mijn wieg nog even gestaan. Ik heb het straatje twee keer geschilderd. De eerste versie hangt nog op haar kamer, hier de tweede versie.

zondag 5 maart 2006
Moeder
Eergisteren is onze moeder gestorven. Al haar 8 + 8 kinderen waren om haar heen, toen zij, heel letterlijk, haar laatste adem uitblies. Ik wil haar hier gedenken met mijn mooiste gebed, ik heb het van haar geleerd. Een gebed voor bij de laatste en de eerste adem.
Ik ga slapen, ik ben moe,
'k sluit mijn beide ogen toe,
Here, houd ook deze nacht
over mij getrouw de wacht.
Doe mij dankbaar en gezond
opstaan in de morgenstond,
als 'k mijn ogen open doe
lacht Uw zon mij vriend'lijk toe.
woensdag 1 maart 2006
Stationen auf dem Wege zur Freiheit
Binnenkort wil ik hier de Nederlandse vertaling geven van de tekst van Bonhoeffer, waarbij ik in mijn vrije week geschilderd heb. Hier alvast een link naar een pagina waarop u de originele Duitse tekst kunt vinden. Opmerkelijk is dat Bonhoeffer dit gedicht maakte een dag na de mislukte aanslag op Hitler, 21 juli 1944.
maandag 27 februari 2006
Elly en Rikkert
Genoten van de uitzending over Elly en Rikkert, gisteren in 'Andere tijden' van de VPRO. Prachtige jaren zestig beelden, Elly met Boudewijn de Groot zingend vanuit de uitgebroken vensters van een Amsterdams afbraakpand, 'Meester Prikkebeen'. Mooi verhaal ook over hun zoektocht naar meer, op reis naar het zuiden, naar India, naar daar waar de wijzen op de berg zitten met de antwoorden, de waarheid. Ze kwamen niet verder dan Spanje en zonder antwoorden kwamen ze terug in Nederland. Daar maakten ze hun keus voor Jezus. Hoe dat precies ging wordt niet erg duidelijk in deze uitzending, maar we krijgen wel weer prachtige beelden van een optreden op een jongerendag van de EO, 1977, 'hier ben ik Vader, ik kom weer thuis', 'daar ben je dan na al die jaren, ik wist al lang dat je komen zou'. De uitzending is te bekijken via Uitzending gemist, zoeken op 'Andere tijden' of klik hier.
vrijdag 17 februari 2006
Stadia
Vanmorgen, als begin van een weekje vrij, vier doeken gekocht van 60 bij 80. Ik wil vier schilderijen maken bij de 'stadia op de weg naar de vrijheid', die Bonhoeffer noemt. Hij doet dat in een gedicht dat in 'Verzet en overgave' staat, een bundeling van brieven en aantekeningen die hij in de gevangenis schreef, de laatste jaren van zijn leven. Op 21 juli 1944 schrijft hij een gedicht 'Stationen auf dem Wege zur Freiheit'. Vier verzen die achtereenvolgens gaan over discipline, doen, lijden en dood. Ik wil die tekst ook gebruiken in de vespers in de aanstaande Stille Week, de week voor Pasen op maandag, dinsdag, woensdag en zaterdag. De tekst geeft een mooie vierdeling, op Witte Donderdag en Goede Vrijdag staan we stil bij de weg en op Pasen gaat het over vrijheid. U leest even niets van me, ik ga schilderen.
dinsdag 14 februari 2006
Valentijn
Nou, eentje dan, van Jacqueline van der Waals.
Liefdesliedje
Mijn liefste, waar we beiden zijn,
Daar zijn we met ons bei,
Al de andre menschen, die er zijn,
Ze zijn er niet voor mij.
Ze lachen wel en praten wat,
Ze komen wel en gaan,
Maar doen ze iets of laten dat,
Het komt er niets op aan.
De andre menschen om ons heen,
Zijn ook wel lief en goed,
Maar ik bekommer mij alleen
Om wat jij zegt en doet.
Ik glimlach maar en houd mij stil,
Dit roezig stemgegons,
Waar ieder wat beweren wil,
Wat is het, lief, voor ons?
zaterdag 11 februari 2006
Bonhoeffer, avond en ochtend
Van de week zo nu en dan een tekst van Bonhoeffer gelezen. Onderstaande tekst nam ik over uit 'Geborgen en getroost', een boek met gedichten en gebeden van Bonhoeffer, vertaald door L.W Lagendijk. Zelf ben ik een ochtendmens, de dag beginnen heb ik meestal geen moeite mee, dat doe ik ook heel bewust. In de avond rest me vaak niet meer dan de verzuchting van mijn tante Ma, 'als nu mijn bed voorbij zou komen, zou ik er in stappen'. Een tekst als deze kan ons helpen de dag in gelovig perspectief te zien, het begin met alle energie die in ons is, maar ook de momenten dat we moe zijn. Bonhoeffer had heel wat grotere zorgen dan 's avonds op tijd zijn bed te vinden, maar het is ook waar dat hij het leven met God juist in de heel kleine, gewone, dingen van het leven zag. Dat hoor ik ook in deze tekst, over de grenzen die aan onze tijd gesteld zijn door het ritme van dag en nacht, van geboren worden en sterven.
Avond en ochtend
Vanaf het ontwaken
tot aan het slapen gaan
moeten we de ander
bij God aanbevelen
en aan Hem toevertrouwen;
onze zorg voor de ander
moeten we laten uitgroeien tot een gebed.
Iedere nieuwe morgen
is een nieuw begin van ons leven.
Iedere dag is een afgerond geheel.
De dag van vandaag
is de grens van onze zorgen en moeiten.
Hij is lang genoeg,
om God te vinden of te verliezen,
om geloof te behouden.
Daarom schiep God dag en nacht,
opdat wij niet
tot in het oneindige moeten ronddolen,
maar 's morgens al
het doel van de avond voor ons zouden zien oplichten.
zaterdag 4 februari 2006
Bonhoeffer
Vandaag is het precies honderd jaar geleden dat Dietrich Bonhoeffer geboren werd. Als predikant was hij actief in de Belijdende Kerk, de kerk die in Duitsland stelling nam tegenover het naziregime. Zijn verzet daartegen kostte hem het leven, op 9 april 1945 werd hij in het concentratiekamp Flossenbürg opgehangen, vanwege zijn betrokkenheid bij de samenzwering tegen Hitler. Hij was toen 39 jaar. Wie meer wil lezen over hem kan terecht op de site van het Bonhoeffer Werkgezelschap. Op die site ook veel verwijzingen naar artikelen en boeken over hem en, een beetje verstopt, een korte levensbeschrijving.
In de Grote Kerk van Emmen wordt op 12 februari aandacht geschonken aan deze theoloog, er is onder andere gelegenheid een film over zijn leven te bekijken.
De Staatsbibliothek in Berlijn toont historische foto's.
woensdag 1 februari 2006
Dogma
Gisteren het eerste groepsgesprek rond het boek van Henri Veldhuis 'Kijk op geloof'. Voordat we het eerste hoofdstuk 'God' bespraken, lazen we met aandacht zijn inleiding. Mooi wat hij daar schrijft over de functie van het dogma. Aan de ene kant is het een theologische uitspraak die probeert het geloof uit te leggen zodat we er iets van begrijpen. Aan de andere kant probeert een dogma het geheim van het geloof te beschermen, zodat we beseffen dat God en zijn liefde al ons denken te boven gaan. Dus geen dwang, geen keurslijf, geen uitsluiting, maar vrije communicatie over het geheim dat ons raakt. Zo hebben we in de groep onder woorden proberen te brengen wat voor ons 'heilige grond' is. Woorden die voor de ervaring zelf niet nodig zijn, maar wel kunnen helpen om die ervaring voor onszelf te duiden, met de rest van ons leven en geloven te verbinden en te delen met anderen. En dan zo dat die omschrijvende woorden niet de norm worden voor nieuwe ontmoetingen met het heilige, van onszelf en van de ander.
woensdag 26 januari 2006
Gedichtendag
Van de week al genoeg over dichters geschreven, maar vandaag is het echt gedichtendag en daar wil ik u toch even op wijzen. Kijk bijvoorbeeld eens op de pagina's bij het thema 'Poëzie en beeldende kunst', een hele serie gedichten van hedendaagse dichters bij schilderijen van Rembrandt, in één oogopslag te zien en te lezen.
woensdag 25 januari 2006
Jacqueline van der Waals
Zag in de boekhandel de 'Verzamelde gedichten' van Jacqueline E. van der Waals liggen. Voor dergelijke situaties heb ik thuis nog wel een boekenbon, niet bij me dus, maar hier wel te besteden. De boekenbon kan wel blijven liggen tot een volgende gelegenheid. Thuisgekomen blader ik de nieuwe gedichtenbundel eerst eens door. Ik let dan vooral op de korte gedichten die er in staan en lees hier en daar wat. Zo stuitte ik op onderstaand prachtig gedicht.
Komende schepen
Ik zit aan de zee in den donkeren nacht.
Met oogen als vuurtorenlichten
Tuur ik naar verre kusten en wacht,
Op overzeesche berichten.
Ik zit in het donker, ik wacht, ik staar
Naar schepen die langzaam komen,
Met lichtende blikken zoek ik naar
Het schip uit het land mijner droomen.
Wie meer gedichten van haar wil lezen hoeft trouwens niet naar de boekhandel, maar kan uitstekend terecht op de site Laurens Janszoon Coster, ze staan er allemaal op.
maandag 23 januari 2006
Jellema
Of ik een fan ben van de dichter C.O. Jellema, het wordt me gevraagd naar aanleiding van mijn stukje op 9 november 2003. En meedere stukjes, wie Jellema intypt in het zoekvenster krijgt al zeven verwijzingen, dus dit is de achtste keer. Nou fan, dat is te veel gezegd, maar ik lees wel regelmatig zijn gedichten en zijn vertaling van de preken van Meister Eckhart ligt voor het grijpen op mijn bureau. Laatst las ik een mooi verslag van een ontmoeting met hem door Atze van Wieren. Ik kwam er doordat ik zocht op trekvogels, dat zijn zo de verrassingen die internet je biedt.
woensdag 18 januari 2006
Verwond'rend oog
Na mijn stukje van 10 januari komt steeds die ene regel in mijn gedachten: 'Hier weidt mijn ziel met een verwond'rend oog'. Een schitterende zin, vast en zeker een psalmregel uit de berijming van 1773, daar heb ik er in mijn kinderjaren heel wat van uit mijn hoofd geleerd. Daar had ik een heel klein psalmboekje voor, kon ik 's morgens op de fiets naar school nog even repeteren. De regel blijkt uit Psalm 27:3 te komen, maar tot mijn verrassing is hij als regel overgenomen in de berijming zoals die in het Liedboek staat. Men vond het blijkbaar ook een schitterende zin, te mooi om te laten liggen. Iets anders, dat wel, verwond'rend is verwonderd geworden. Als dichtregel mogelijk beter, de inhoud proevend ga ik toch voor de oudere versie. Verwonderend klinkt wat dynamischer, je ziet het gebeuren, je bent niet een keer of zo nu en dan verwonderd, maar je gaat door het leven en door de heiligheden van God 'al verwonderend'. Dat past ook mooi bij het 'weiden van de ziel', beetje bij beetje komt het leven dat we ontvangen bij ons binnen, steeds weer nieuw. Dat van het licht, dat de duisternis verlicht, vind ik van de latere versie weer heel mooi en passend bij de gedachten van Grün over het duister.
|
Psalm 27:3, berijming 1773 Och mocht ik in die heilige gebouwen, de vrije gunst, die eeuwig Hem bewoog, Zijn lieflijkheid en schonen dienst aanschouwen! Hier weidt mijn ziel met een verwond'rend oog. Want God zal mij, opdat Hij mij beschutt', in ramp en nood versteken in Zijn hut; mij bergen in 't verborgen van Zijn tent, en op een rots verhogen uit d' ellend'. |
Psalm 27:2, berijming 1968 Eén ding slechts kan ik van den HEER verlangen, dit ene: dat zijn gunst mij eenmaal geev' Hem dagelijks te loven met gezangen, te wonen in zijn huis zolang ik leef! Hoe lieflijk straalt zijn schoonheid van omhoog. Hier weidt mijn ziel met een verwonderd oog, aanschouwende hoe schoon en zuiver is zijn licht, verlichtende de duisternis. |
maandag 16 januari 2006
Vraag
Aan het eind van de 'ontmoeting op zondag' van gisteren kregen we een vraag mee. Het thema van deze en de volgende twee ontmoetingen is 'Waar vind je God?'. De vraag die we meekregen en ik hier maar doorgeef luidde: Waar vindt God jou? De vraag inspireerde me in ieder geval tot de tekst in mijn schermbeveiliger, die verschijnt als ik tien minuten niets doe: waar ben je nu?
dinsdag 10 januari 2006
Duister
We lazen vanmiddag niet het gemakkelijkste hoofdstuk van Anselm Grün, over de duistere God en de onbegrijpelijke schepping. Veel bleef duister en onbegrijpelijk, en toen viel ook nog eens het licht uit in de Schepershof, waar we zaten als kring. Wat bij mij bleef hangen was dat 'God ervaren', zo heet het boek van Grün dat we bespraken, niet alleen mogelijk is waar alles licht is en we alles begrijpen. Het gaat er om dat we juist daar waar het donker is in ons leven en we niet alles begrijpen, met de woorden van één van de kringleden, 'God toelaten'. Dat we dus niet bij voorbaat weten hoe en waar God te ervaren is. Op de laatste bladzijde wordt Grün voor mij ineens weer heel duidelijk.
... er is een verwonderd oog nodig om God in de schepping te ervaren. Wie verwonderd is, staat stil. Hij is geheel in zijn waarnemen. In de verwondering ontdek ik het wonder van de schepping.
En dat geldt niet alleen voor het beschouwen van de schepping, dat geldt ook voor het lezen van het evangelie, voor de inkeer in jezelf, voor het vieren van de liturgie, voor het ontmoeten van je medemens. In verwondering, nieuwsgierig, in alle openheid, zonder bij voorbaat te weten.
woensdag 4 januari 2006
Deur
Nog even doormijmeren over de grens in de tijd, zo kort na de jaarwisseling. Bij een schilderij van mezelf.

zondag 1 januari 2006
Nieuw
Op de eerste dag van een nieuw jaar lees ik in het boek van Anselm Grün en Ramona Robben 'Grenzen stellen'. En ik vraag me af of het ook iets betekent voor de grens tussen een oud en een nieuw jaar. Grenzen zijn belangrijk, lees ik in het boek, grenzen zijn nodig voor de ontplooiïng van mensen. Een jaarwisseling is de herinnering aan een grens die er altijd is, de grens tussen verleden en toekomst. Op die grens leven we, in het heden. Het is zinvol om zo nu en dan bij die grens stil te staan. Een nieuw jaar, noemen we het, hoe oude is voorbij gegaan, het nieuwe is gekomen. De doffe dreunen van het carbid schieten horen bij het oude, bij het nieuwe hoort vuurwerk, licht, vreugde. Niet omdat het nieuwe sowieso vreugdevol is, maar omdat het nieuw is. Daar kun je ook dagelijks bij stil staan, onder de douche bijvoorbeeld, bedenken dat je wat geweest is van je afspoelt, ook dat je alle oude verwachtingen van je afspoelt, en nieuw en nieuwsgierig stap je de dag binnen. Of in een morgengebed of meditatie, wakker worden: sta niet stil bij het verleden, het nieuwe is al begonnen. Of Psalm 5 overdenken.
In de morgen, Heer, hoort u mijn stem,
in de morgen wend ik mij tot u en wacht.