Webdagboek Jan de Korte, derde kwartaal 2007



zaterdag 29 september 2007

Wijsheid

Ik heb onder de zon iets gezien dat voor wijsheid doorging. Het was verbijsterend. Er was een kleine stad met weinig inwoners. Een machtig koning trok tegen het stadje op, omsingelde het en bouwde grote belegeringswerken. Er woonde daar een man van lage afkomst, die wijs was en met zijn wijsheid de stad had kunnen redden. Maar niemand schonk aandacht aan die onbeduidende persoon. Ik zei daarom tegen mezelf: Wijsheid is beter dan macht, maar de wijsheid van een mens van lage afkomst wordt geminacht en zijn woorden vinden geen gehoor. Het is beter dat je luistert naar de kalme woorden van de wijzen dan naar het geschreeuw van een heerser onder dwazen. Wijsheid is beter dan het wapengekletter van zo'n dwaas; hij alleen richt al veel goeds te gronde.

Een verhaaltje van Prediker, eigenlijk niets bijzonders, zo gaat dat in de wereld. Behalve die opmerking over de man van lage afkomst: hij had met zijn wijsheid de stad kunnen redden. Hoezo? Idiote gedachte van Prediker, je kunt het wel willen, maar hoe kun je met wijsheid op tegen (over)macht? Wie is die onbeduidende mens, die met zijn wijsheid de zaak kan redden? Ik heb die mens van lage afkomst gekozen als uitgangspunt voor mijn overdenking in de dienst van morgen, na morgen meer hierover.



zondag 23 september 2007

Herfst

We besloten de dienst vanmorgen met het zingen van een lied van Jan van Opbergen, 'Dit is de dag van het licht en van lente, nieuw leven'. Dat riep hier en daar wat gegrinnik op, dit lied op de dag dat de herfst begint. Na het lied leidde ik de zegen in met de woorden 'Dag van lente, dag van herfst, we gaan onder de zegen van de Heer'. Vanmiddag zaten we in de tuin, ik verzamelde wat kastanjes en zocht naar een mooi gedicht bij deze herfstdag, ik kon geen passende vinden. Dan nog maar een keer het lied van Hans Vogel, gezang 410 uit het Liedboek, dat we vanmorgen ook zongen, past mooi bij deze middag. Ik lees net dat het helemaal niet zeker is dat Vogel de dichter van dit lied is, maar gezien de inhoud wil ik het graag blijven geloven. Voor een aantal mooie herfstgedichten, klik hier.

Zingen wij van harte zeer,
loven, danken wij de Heer,
die zijn goedheid ons bewijst,
die ons alle dagen spijst.
God die ook de vogels voedt,
die het leven leven doet,
God is voor de mensen goed.



woensdag 19 september 2007

Liedboek van de ziel

We waren in Amsterdam, in augustus. We bekeken de nieuwe Openbare Bibliotheek van buiten en vooral van binnen. Bij de muziekcollectie zag ik een bekend boek liggen, het Verzameld Liedboek van Huub Oosterhuis. Daarnaast lag een boek open, ook met liederen zo te zien, het lied dat zichtbaar was heette 'Fiets is verzet'. Het bleek het 'Liedboek van de ziel' te zijn, meer dan 650 pagina's liederen van Herman Verbeek. En dat voor 25 euro bij de Stichting Verbeek-Fonds. Besteld, vanmiddag kwam het binnen, natuurlijk direct dat aandachttrekkende lied opgezocht.

Fiets is verzet

Fiets is verzet:
zij schroeit de aarde niet,
wind mee en tegenwind,
gebogen en rechtop,
op eigen kracht op weg

fiets is verzet
op eigen benen gaan
bergafwaarts en bergop
en niemand komt zover
de files achter u

fiets is verzet
de aarde rechtgedaan
vrijheid die komen gaat
verbranding ver voorbij
in de gewonnen tijd

fiets is verzet
leer nog de kinderen
het evenwicht als kunst
voornamer dan de fiets
en schoner is er niets



dinsdag 11 september 2007

De Voorhof

We hebben zelfs een eigen pagina op de prachtige site Kerken-in-Beeld van de Rijksuniversiteit Groningen. Kerken, kerken en kerken, van binnen, van buiten, de orgels en soms een plattegrond. 'Emmen-Angelslo' heet de pagina met een hele reeks foto's van de Voorhof, één van de gebouwen van onze wijkgemeente. Foto's van de kerk in nieuwe staat, in de leegte van een te bouwen wijk. Bekijk de foto's alvast eens, volgende week zal ik er iets over schrijven.



dinsdag 4 september 2007

Niet stelen

En ook wij zijn er weer, na 'even weg'. Gisteren bereidden we een 'ontmoeting op zondag' voor, het thema is ontleend aan het achtste gebod, 'gij zult niet stelen'. We probeerden de inhoud van het gebod op het spoor te komen, het viel nog niet mee om er goede gespreksvragen bij te vinden. Stelen is een vorm van verdelen, bedachten we, verder kwamen begrippen als hechting en tevredenheid in beeld. Het gebod, zo dachten we, heeft te maken met hoe je met het bezit van jezelf en dat van de ander omgaat. Je kunt alles gebruiken én misbruiken. Thuisgekomen las ik eens wat de cathechismus van mijn jeugd over dit gebod zegt. Heel verrassend: God verbiedt in dit gebod zowel alle gierigheid als alle verkwisting van zijn gaven. Wat wij aanduiden met 'het bezit van onszelf en van de ander' wordt hier benoemd als 'de gaven van God'. Daar kun je heel hebberig, bezitterig boven op gaan zitten, je kunt ze ook laten wegwaaien met de wind. Beide houdingen worden afgewezen. Wat dan wel? De mooiste passages van deze catechismus vind ik altijd de antwoorden die naar het positieve vragen, na de vraag wat God verbiedt komt de vraag wat God gebiedt in dit gebod. Lees het antwoord van de Heidelbergse Catechismus, dat ver uit gaat boven het veilig stellen van eigen have en goed.

Vraag: Wat gebiedt God in dit gebod?

Antwoord: Dat ik het belang van mijn naaste, voorzover ik ertoe in staat ben, bevorder en zo met hem handel als ik wilde, dat men met mij handelde. Bovendien, dat ik trouw arbeid om ook de behoeftige te kunnen bijstaan.



maandag 13 augustus 2007

Even weg

In Trouw las ik vorige week een gedachtewisseling tussen twee filosofen over vakantie. Even weg, er uit willen zijn, in het gesprek kwam het merkwaardige daarvan naar voren. We zijn al zo vaak afwezig in ons dagelijks leven, niet in het hier en nu. We hebben het zo druk, we willen zoveel doen, dat we bij de ene activiteit al met onze gedachten bij de andere zijn. En zo zijn we afwezig, terwijl elke spirituele leraar je probeert te leren aanwezig te zijn, in het hier en nu. De vakantie zouden we daar mooi voor kunnen gebruiken, maar daar komt vaak niet van. We willen weg zijn en zoveel doen dat we ook in de vakantie niet aan de ware aandacht toekomen. Een advies van één van de filosofen dat ons wel mooi uitkomt: ga wandelen, het tempo brengt je bijna vanzelf in het hier en nu. Zo eenvoudig is het soms. Terwijl ik het stuk las dacht ik nog wel -o afleiding-, was het nu 'op vakantie' of 'met vakantie'. Ik herinnerde me vaag dat me geleerd was dat protestanten met zeggen en katholieken op. Dat klopt wel met de geografische verspreiding van de voorzetzels: beneden de Moerdijk zegt men vaker op en daarboven vaker met. Zie verder op/met vakantie.



dinsdag 7 augustus 2007

Kloosterregel

De oudste kloosterregel, zeg maar een reglement voor het leven in kloosters, die we nog hebben is geschreven door Augustinus, waarschijnlijk in 397. Wat opvalt is de heel praktische inslag en de aandacht voor het individu binnen de gemeenschap. Voor Augustinus stond het kloosterleven niet zo heel ver van het gewone leven, het was een soort oefenplaats voor het gelovig leven. Zo was de regel ook maatschappijkritisch en vormde vooral de feitelijke uitoefening van de regel kritiek op een maatschappij waarin ieder voor zich leefde. In onze tijd lijkt me het meest kritische punt de nadruk die op gemeenschap gelegd wordt, dat staat haaks op het individualisme van vandaag. En dan is het ook weer aardig om te zien hoe Augustinus binnen het gemeenschappelijk leven als gelijken steeds ruimte zoekt en vraagt voor de eigenheid van ieder. Hieronder enkele citaten uit de regel van Augustinus, klik hier voor een volledige weergave ervan in het Nederlands, met een interessante inleiding.

De gebedsruimte mag nergens anders voor gebruikt worden dan waarvoor zij bestemd is, want zij draagt die naam niet voor niets. Dan kan ieder die misschien ook buiten de vastgestelde uren wil bidden, er in zijn vrije tijd terecht zonder gestoord te worden door iemand die daar eigenlijk niets te maken heeft.

Houd u bij het zingen aan de tekst en zing niet wat niet bestemd is om gezongen te worden.

Uw kleren moeten door één of meerdere personen gemeenschappelijk beheerd worden. Zij zullen ervoor zorgen ze te luchten en motvrij te houden. Zoals uw eten uit één keuken komt, zo moeten uw kleren uit één linnenkamer komen.

Hoe het ook zij, als een medebroeder zegt dat hij zich niet goed voelt, ook al manifesteert de ziekte zich nog niet, geloof hem dan zonder meer. Maar als u er niet zeker van bent of de verzorging die iemand wil hebben, iets zal uithalen, roep er dan een dokter bij.



woensdag 1 augustus 2007

Golf

Eergisteren op de Belgische televisie een interessant programma gezien over 'De grote golf' van Hokusai. Hij maakte de houtsnede in 1831 als één van de 'Zesendertig gezichten op de berg Fuji'. Die berg zie je op deze prent maar heel klein, in tegenstelling tot de enorme golf op de voorgrond. Wat me opviel in het programma was de eensgezindheid onder de kunstdeskundigen, allemaal hebben ze het over dreigende ondergang en de sfeer van onze tijd die door angst getekend zou zijn en daarom zou dit beeld van Hokusai mensen van vandaag zo aanspreken. Ik heb de prent altijd gezien als een heel mooi portret van een golf. De bootjes door de golven vind ik fascinerend, zoals ik het altijd heel fascinerend vind te zien hoe schepen door de golven ploegen en glijden, van kleine zeilbootjes tot machtige olietankers. Als ik de prent nog eens bekijk zie ik volharding en taaiheid van mensen, het is ook heel goed mogelijk dat Hokusai wil laten zien hoe de onverzettelijkheid van de berg Fuji ook in mensen te vinden is. Ik herinner me een uitgave van 'De zondvloed' van Jeroen Brouwers met de golf van Hokusai op de kaft. Om de strekking te weten zou ik het boek van Brouwers moeten (en willen) herlezen, maar het bijbelse verhaal van de zondvloed gaat niet over de dreiging van een stijgende zeespiegel of de angst voor terrorisme of de kans op een apocalyptische totale oorlog. In het bijbelse zondvloedverhaal is de grote vloed het gevolg van de spijt die God kreeg toen hij zag wat een puinhoop zijn schepselen ervan maakten. Het water is hier reinigend en louterend, de opmaat voor een nieuw begin. In mijn beeldtaal wordt de berg Fuji de Ararat en zie ik boven de golf van Hokusai de regenboog. Doorroeien mannen, geen golf is te hoog, geen golf zal alles en iedereen vernietigen (Genesis 9:15). Dat verhaal past ook beter bij de biografie van Hokusai die als een oude man letterlijk van de grond af aan moest beginnen. Hij keek naar zijn heilige berg en wist dat geen tegenslag hem klein zou krijgen, hoe nietig hij ook was. Als 70-plusser maakte hij zijn mooiste werken.



maandag 30 juli 2007

Tweestemmig lied

Vorige week heb ik de overdenking op de site gezet die ik hield in de dienst waarin we mijn jubileum als predikant vierden, 'deur naar stilte'. In die week kreeg ik ook een verzameling gedichten toegestuurd rond het thema stilte, ze werden verzameld ter gelegenheid van een wandeling met poëzie op de kop van Schouwen en Duiveland. Eén van de gedichten is van Guillaume van der Graft, de dichter die als Willem Barnard ook veel gedacht en geschreven heeft over stilte, en mooi gedicht over stilte en contact, stilte en communicatie.

Zolang er nog ergens iemand bestaat
met wie ik als mens kan spreken
vind ik ook wel de stilte
midden op de straat
een stilte die niemand kan breken.

Een kostbare stilte van zuiver glas
dat ik zelf
met mijn stem heb geslepen
als ik er niet was
had niemand die stilte begrepen.

Maar als Hij er niet was
en Zijn stem was er niet
dan was er van stilte geen sprake.
Alleen maar van zwijgen
zo hard als graniet
en dat kan je doodeenzaam maken.
Maar de stilte,
dit is een tweestemmig lied
waarin God en de mens elkaar raken.



donderdag 26 juli 2007

Milaan

We waren er, een maand geleden, in Milaan. We liepen in de straten en keken in de tuinen, nog steeds ommuurd. Vanachter een dergelijke muur hoorde Augustinus de levensveranderende woorden 'tolle lege', neem en lees. Een levenlang zoeken kwam niet ten einde, maar zijn zoeken kreeg wel een beslissende wending. Voortaan richtte hij zich in zijn zoeken op het evangelie. Ook zijn eerdere zoeken plaatste hij in het kader van Gods zoeken. 'Gij waart bij mij en ik niet bij u.' In de eerstvolgende paasnacht liet hij zich dopen. Gelukkig leest Margriet de gidsen goed dus wisten we dat opgegraven restanten van de doopkapel te bezichtigen waren. We kochten een kaartje en konden door het draaipoortje, onder de voorgevel van de Dom door en zo kwamen we op de plaats waar vanaf 300 kerkbouw geweest is. Ambrosius heeft hier gepreekt, Augustinus hoorde hem en het was de opmaat voor zijn bekering, door hem werd hij op deze plaats in de paasnacht van het jaar 387 gedoopt. Helaas nog geen foto's, die staan op een ouderwets filmpje dat nog ontwikkeld moet worden. Ze komen nog, voorlopig een plaatje van de Dom, het was in ieder geval op die plek.



maandag 23 juli 2007

Vakantie

Nee, ik ga niet met vakantie, dat heb ik pas gehad. Wel heb ik vanmiddag nagedacht over vakantie, dat kwam door één van mijn Emmense collega's, Tinus Olthof. Hij stuurde een verslag van zijn studieverlof, een boeiend inzicht in het vele dat hij gelezen heeft. Bij Tjeu van den Berk las hij over het numineuze, het onuitsprekelijke, het totaal andere, zoals het geheim van het geloof. Van den Berk noemt vijf dingen die je kunnen helpen om je aandacht voor het numineuze te ontwikkelen. Tussen onthaasten, stilte en meditatie staat daar ineens 'met vakantie gaan'. Toelichting: niet om andere dingen te zien, maar om de dingen anders te zien. Net terug van vakantie denk ik dan dat een andere omgeving, het zien van andere dingen kan helpen tot een andere blik te komen, tot een ander zien. Van de dingen, maar vooral van jezelf. Dan moet je wel jezelf in het geding willen brengen, als je 'de andere dingen' alleen maar ziet als verzamelobject om toe te voegen aan je vakantie-ervaringen zal er weing veranderen. De uitdaging is om vakantie te zien als een spirituele oefening, vol aandacht het andere tot je laten komen. Juist dan komen de vragen boven: wie ben ik, wat is mijn leven, hoe wil ik leven, met mijn angsten en met mijn verlangens. Dat is contact met het numineuze, omdat we zullen moeten leren te leven met deze vragen zonder een afgerond antwoord te krijgen.



dinsdag 17 juli 2007

Groene revolutie

Ook noemde ik in de dienst, intussen van eergisteren, de kunstroute in het bos bij Schoonoord. 'Groene revolutie' is het thema, gedacht is aan de snelle landschappelijke veranderingen in dit gebied door de bebossingen, veelal in het kader van werkverschaffing, maar ook om het benodigde hout voor de mijnen in Limburg te verkrijgen. Daar is het hout trouwens nooit voor gebruikt, ook in Limburg kwam een revolutie op gang. Een mooie route, door een verrassend mooi stukje bos. Heel mooi vonden we de uitnodigende tafel van Andrea Thompson. Voor wie net in Italië in de rij gestaan heeft voor Leonardo da Vinci's Laatste Avondmaal is er direct de associatie met dit werk. Maar dan zou zij wel voor 13 mensen gedekt hebben en niet voor 16. Dan de tafel in het ouderlijk huis maar, vader aan het ene hoofd, moeder aan het andere, acht kinderen aan tafel met plaats voor hun tegenover. Zo heeft ieder er zijn of haar gedachten bij, Andrea spreekt zelf over meerdere betekenislagen en ze wil uitnodigen tot contemplatie. Een monumentaal werk dat veel gedachten oproept, en zo zijn er nog vele in het bos bij Schoonoord. Ga, keer in en kom uit.



maandag 16 juli 2007

Dis

Gisteren noemde ik in de dienst de roman van Marcel Möring, 'Dis'. Over een joodse man, Jakob Noach, die in de nacht van de TT in Assen zijn hele leven voorbij ziet komen. 'Is dit het?', dat is de vraag die bij hem opkomt aan het einde van zijn tocht. In de dienst verbond ik die vraag met de vraag naar het eeuwige leven. Wonderlijk dat mensen die aan het eind van hun latijn zijn, halfdood langs de weg liggen, toch op de een of andere manier nog vragen stellen, ergens naar uitzien. Toen ik dat bedacht ging de roman, die ik soms met enige moeite gelezen had, voor me oplichten. De laatste bladzijden begonnen me op heel nieuwe manier te raken, werkelijk te schitteren na de vele in apocalyptiek gedrenkte verhalen. Verhalen waarbij ik meermalen dacht: hoe kun je dit boek laten eindigen, een goede afloop ontkracht alles, ik begon er tegen op te zien. Möring kan het, magistraal, ontroerend. Ik las ergens dat iemand hem vergeleek met Faulkner, inderdaad kan ik hier herhalen wat ik eerder over 'Licht in Augustus' schreef : voor een dergelijk slot lees ik graag al deze pagina's (zie bij 13 maart 2007). Naakt ligt Jakob Noach op zijn rug in het gras van de begraafplaats, 'Beth Olam', huis van de eeuwigheid.

Hij ademde diep in en daarna, na een paar seconden, even diep weer uit. Hij legde het horloge op zijn borst, vouwde zijn handen onder zijn buik, iets boven zijn schoot, en snoof de geur op van aarde, gras en de ochtendbries die de wolken wegblies en de lei van de lucht schoonveegde voor een nieuwe dag.



woensdag 11 juli 2007

Eeuwig leven

En weer vind ik de vraag boeiender dan het antwoord, 'Meester, wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?'. Dergelijke vragen herinneren me altijd weer aan de anekdote van de theologieprofessor die in de trein tegenover een mevrouw zat die tegen hem verzuchtte: 'Meneer, waar gaat dat toch heen met deze wereld'. De professor antwoordde met een wedervraag: 'Mevrouw, hoe komt u aan het idee dat het ergens heen gaat?'. Hoe komt u erop te vragen naar het eeuwige leven, waar komt dat verlangen vandaan? Het verrast me altijd weer dat mensen boven zichzelf uit vragen, boven de omstandigheden uit. Ik zie het als tekens van leven, zolang we dergelijke vragen stellen zijn we niet overgeleverd aan het lot, de loop der dingen. Met het stellen van de vraag breken we al met ons dagelijks leven, al moeten we dat vaak nog wel leren zien. Aanstaande zondag lezen we de vraag in de dienst, en het antwoord van Jezus, dat ook niet mis is. In een realistisch verhaal wordt de vraag naar het eeuwige leven verbonden met de daad van de dag.



maandag 9 juli 2007

Daar

So suf waren we nu ook weer niet dat ik vier weken lang niets kon schrijven. Het was de vakantie die er tussen kwam. En daar nog even van nadromen, nachtenlang ben ik afgedaald van met stenen bedekte bergpaden. Het ligt niet aan mijn maandsalaris, maar voorlopig vind ik het voorbeeld van de dromedaris van Rikkert Zuiderveld wel aanbevelenswaardig.

Dromedaris

Daar het voor een dromedaris
met een mager maandsalaris
slechts een wensdroom is gebleken
weg te gaan naar verre streken,
heeft hij zich maar voorgenomen
dat hij daris in zijn dromen.